
Brief Lies – Amsterdam, 16 Mei 1945 _ via Rode Kruis Leeuwarden
Lieve Vader en Moeder,
Heerlijk hè jullie gewoon te kunnen schrijven. Hoe gaat het met jullie? Gezond? Ik maak het best. En Broertje[1] ook. Van de anderen heb ik nog niets vernomen. Het is moeilijk contact te krijgen nu de post nog niet geregeld gaat en je geen rechtstreeksche adressen hebt.
“Van de anderen heb ik nog niets vernomen“
Van Frits[2] [en vrouw] was er eenige maanden geleden nog een brief. Zij maakten het toen beiden best. …. Zoo gauw als ik verdere berichten krijg van de een of ander zal ik U schrijven, maar ik denk dat we nog wel even geduld moeten uitoefenen voor er met iedereen verbinding tot stand is gebracht. Ik hoop nu maar dat deze brief u spoedig bereikt. U kunt mij terugschrijven en dan liefst een beetje uitvoerig. Ook over eventuele plannen. Kunt U blijven waar U nu bent? Of wilt U er zo spoedig mogelijk weg? Wilt U naar Amsterdam? enz.


Waar wonen?
Ik ben bezig ergens een woning te vinden. Maar dat zal wel heel lastig gaan. Verder heb ik me in verbinding gesteld met [volgt een aantal zakelijke en persoonlijke contacten] Ik heb ze gesproken. U ziet, ik heb al aardig wat afgeloopen en dat is niet zoo eenvoudig, want ik woon 2 à 2 ½ uur loopen van hen af, heb geen fiets en bovendien nog weinig tijd omdat ik bij RB waar ik woon, de huishouding doe. Zaterdag ga ik het week-end naar Broertje. Hij is een reuze kerel geworden. Hij heeft het best! Nu lieve vader en moeder voor deze keer genoeg. Deze brief gaat nogal in haast omdat ik hem moet medegeven. Houden jullie je maar taai. Nog een beetje geduld en dan kunnen we elkaar straks weer zien en spreken. Ondertusschen probeer ik van hieruit zoveel mogelijk te regelen…
Heel hartelijke groeten en een paar stevige zoenen
Jullie Lies
Terug te schrijven aan: Nel B – Uitweg .. – Amsterdam W II[3]
Brief Amsterdam, 29 mei 1945
Lieve Vader en Moeder,
“Het gaat allemaal zo hopeloos langzaam“
Mijn eerste brief zullen jullie ondertusschen al wel gekregen hebben. Ik stuurde hem naar juffrouw M in Leeuwarden[4]. Het gaat allemaal zoo hopeloos langzaam met de post. Vorige week kreeg ik van alle kanten plotseling jullie adres binnen. Dat begon ’s morgens al om 9.30 uur toen Juf met een briefkaart voor mijn neus stond.
“Eindelijk weer een eigen”
Toen kwam Frits ’s middags. Wat keek ik daarvan op! Ik had geen idee dat hij zoo gauw hier zou kunnen zijn. Hij ziet er best uit, is beslist dik geworden. … Het was heerlijk Frits te zien! Eindelijk weer een “eigen”. Gelukkig wist hij te vertellen dat jullie het goed maken en ook dat Hansje het zoo heel erg best heeft. Trouwens Manu is vorig jaar ook één of meerdere malen bij Hansje[5] geweest en die vertelde toen ook al dat hij het er zoo prima had. Ik zelf maak het ook best, woon reeds meer dan een jaar bij de familie B., weet U wel die zwarte juffrouw die ons altijd groente bracht. Daarvoor was ik in Haren. Ik heb het niet slecht gehad van eten maar ben er toch niet dikker op geworden. We wonen tusschen de boeren, dus kunnen b.v. op geregelde tijden zelf karnen.
Joost tegenwoordig Eddy genaamd is een reuze lekkere knul. Hij woont in Wormerveer en heeft het héél erg best. Ik ben er eenig malen geweest. Hij kent mij alleen als “tante Nel”. Voorlopig blijft hij daar totdat ik een goed huis heb en meer eten.
Eefje[6]. is in Eijsden bij Maastricht, dus reeds lang bevrijd. Verder heb ik echter nog geen contact kunnen krijgen. Ze zal het daar wel goed hebben gehad, woont bij de slager. Maar het is zoo ver weg en zeer moeilijk nog te bereiken. Ik wil haar zoo gauw mogelijk hier laten komen. Frits zal er nu heen gaan. We moeten nog maar een beetje geduld hebben.
“We kunnen niets anders dan afwachten”
Intusschen zullen jullie al wel gemerkt hebben dat er 2 van de familie nog niet zijn teruggekeerd, Joop[7]. en Manu. Beiden zijn ± een jaar geleden opgepakt en zijn na enigen tijd Westerbork naar Celle[8] gegaan. Tot nu toe hebben we niets meer gehoord. We kunnen niets anders doen dan afwachten! Ik ben echter zeer pessimistisch wat dit betreft. Maar in ieder geval moed houden! Hoe jullie van dit bericht zullen schrikken begrijp ik. Maar we moeten verder en ons flink houden. Goddank zijn in ieder geval alle kleinkinderen terecht.
Ik ben druk bezig een huis te zoeken. Dat is ongelooflijk moeilijk en ik loop en loop, maar ik heb wel eenige kans, al zal het geen mooi huis worden. Misschien krijg ik het wel voor elkaar voordat jullie hier komen en anders kunnen jullie direct bij juf logeren. Een en ander aan meubels scharrel ik wel bij elkaar. Zitten we daar maar weer eenmaal dan kunnen jullie alle kleinkinderen zien en daar zullen jullie van opzien, hoor! …
Wat zou ik graag even naar jullie overwippen. Daar is echter niet de minste kans op. Ik denk dat jullie eerder bij mij zullen kunnen komen. Denk erom vader en moeder, we moeten ons flink houden! Ik hoop jullie spoedig te kunnen zien en spreken.
Een paar stevige zoenen, Uw
Lies
p.a. B…
Uitweg ..
Het adres van Hansje is: …
Kaart Lies 3 juni 1945
Den Heer I.S.Hijmans – p/a den Heer C… – Friesland
Lieve Vader en Moeder,
Jullie eerste rechtstreekse briefkaart gisteren ontvangen. Intussen zullen jullie ook al wel meerdere post van mij hebben gekregen en nu al wel op de hoogte zijn met de ware stand van zaken. Hoe hard het ook is om het te moeten schrijven, ook ik vind dat het in ieder geval beter is dan onzekerheid. Lieve Vader en Moeder, Joop en Manu zullen helaas niet meer bij ons terugkomen. Denk er nu om houden jullie je flink. We kunnen er niets aan veranderen en we moeten verder. Bedenk wat jullie nog hebben overgehouden.
“Joop en Manu zullen helaas niet terugkomen… proberen jullie ondanks alles flink te zijn”
Ik hoop dat jullie spoedig hier zullen kunnen komen. Dan ben ik ook niet meer zoo alleen. Frits en FR zouden beide naar Eefje. Ze zit zoo erg ver weg en ook naar Eddy kan ik niet vaak heen omdat ik geen fiets heb. Een huis is nog niet voor elkaar. Maar er wordt aan gewerkt. Het gaat reuze moeilijk. Ook heb ik al een paar keer gesolliciteerd. Enfin, ik hoop tot spoedig ziens. Juf heef gezegd jullie kunnen bij haar logeeren. Probeeren jullie ondanks alles flink te zijn. Een stevige zoen van
Lies
Hansje is in ieder opzicht prima verzorgd.
Afz. Uitweg – Amsterdam W II
Brief Lies Dinsdag 5 juni 1945
Lieve Vader en Moeder,
Vanmorgen jullie zéér uitvoerige brief ontvangen. Ondertusschen zullen zullen jullie nu al wel meer post gekregen hebben. Maar ditmaal zal ik trachten ook wat uitvoeriger te zijn. Ik had n.l. eenigen tijd zoo ontzettend veel dingen tegelijk te doen dat ik haast niet tot schrijven kon komen. Ik begrijp dat jullie zéér ongerust zijn. Het was mijn bedoeling geweest dat Frits, die vanaf jullie via Nijverdal en Enschede hier naartoe is gekomen nogmaals naar jullie ging om datgene wat ik nu schrijven moet, te vertellen, maar hij zag zeer tegen een en ander op en had ook nog maar weinig tijd meer.
(Klein)-kinderen
Zoals jullie dus al weet zijn de 3 kleinkinderen allen goed. Hansje in Nijverdal heeft het prima (volgens oordeel van Frits, … en Manu, die vorig jaar nog een keer bij hem was. Joost in Wormerveer heeft het ook best. Daar ben ik zelf geweest. Van Eefje in Eijsden weet ik alleen het adres. Verder heb ik nog niet gehoord. Frits zou er heen. …. En zoo gauw ik gelegenheid heb wil ik natuurlijk zelf gaan. Ik ben ontzettend verlangend naar haar.
Joop
Van Joop heb ik pas na de bevrijding gehoord. Door de een of andere ongelukkige samenloop van omstandigheden werd zij vorig jaar gevonden. Het schijnt dat er voor iets anders huiszoeking was geweest, waarbij ze niet werd gevonden. Daar is ze toen echter gebleven en bij een tweede bezoek gevonden. Precies weet ik het echter niet. Ze was eenigen tijd in Westerbork waarvan brieven met F. hier zijn. F. stuurde haar ook geregeld pakjes, kleeren enz. Er is alles gedaan om haar daar vast te houden. BS heeft goud gegeven en ook Moeder’s sieraden van Juf zijn daar naartoe gegaan. Een en ander werd door F. en Manu geregeld. Het heeft eenigen tijd geduurd maar toen is ze toch doorgestuurd naar Celle. Ze was daar gelijktijdig met H en W. ook met tante J., AH en vele anderen. Ze schikte zich goed in het kampleven. Van Celle hebben we geen berichten meer gehad. Maar zooals velen met haar heeft ze daar een infectieziekte opgeloopen en is overleden. Lieve Vader en Moeder, het is verschrikkelijk maar ik kan jullie de waarheid niet langer verzwijgen. Men zei mij te wachten totdat jullie hier zouden zijn, vandaar al mijn halve brieven. Maar ik begrijp jullie onrust. Denk erom. We moeten flink zijn, er is niets meer te veranderen al zijn we nog zoo opstandig. Bedenk jullie hebben elkaar nog. En ik heb jullie steun hard noodig straks als jullie hier zijn! We moeten allemaal verder voor de drie kinderen, die dan toch gered zijn. Joop zelf is er misschien het beste aan toe. En Hansje mist niets. Hij weet nergens van. Hij is een “lekkere, goed opgevoede jongen” volgens E. en J.
Manu
Nu nog Manu. Nadat de kinderen beide weggegaan zijn zijn we nog 1 maand samen thuis geweest. Daarna ben ik naar Haaren gegaan, waar ik 9 maanden als hulp in de huishouding bij 2 oude dames heb gewerkt. Manu was ondertusschen weer bij de VAK gekomen, reisde en werkte onder eigen naam, zoogenaamd was zijn arische afkomst komen vast te staan. Behoudens de eerste tijd kwam hij vrij geregeld om de 4, 5 weken een week-end bij mij. Hijzelf was in een pension in Eindhoven, kennissen van de fam B. waar hij het zeer goed had. Alles ging prachtig. Toen er tijdelijk niet gereisd mocht worden had hij officiele vergunning enz. In die tijd is hij ook nog bij Hansje geweest. In Jan. 44 moest ik uit Haren weg. Ik kwam toen bij de fam B waar ik ook in de huishouding hielp. Manu is daar nog 2x bij mij geweest. 18 Maart [1944] en de Paaschdagen. Toen is hij ook voor het eerst en meteen ook voor het laatst bij Joost in Wormerveer geweest. …. De laatste tijd werd er veel in de treinen gecontroleerd. Manu had dat al vele malen meegemaakt. De V.A.K liet hem echter toch nog reizen. En er was juist door kennissen in Eindhoven besloten hem bij Philips te plaatsen. 28 April was hij op het kantoor Hengelo geweest. Hij ging bij vdP weg (jullie kennen hem geloof ik, hij kwam ook wel bij J.), om naar Eindhoven te gaan en kwam daar niet meer aan. Wekenlang hebben we toen in spanning geleefd. Niemand kon hem vinden en ikzelf moest hals over kop naar een ander adres om veilig te zijn. Later bleek, dat hij in Scheveningen gevangen gezeten had. Verder het gewone verloop, naar Westerbork. Ook hij kon het daar best stellen. En 31 juli ’44 naar Celle (Bergen Belzen). Hij zal daar dus samen met J. zijn geweest. Ikzelf was inmiddels weer terug bij de fam B, waar ik nu nog ben. Vorige week kreeg ik bericht, dat hij in Celle eind januari (zóó laat voor het einde) ook aan een infectieziekte is overleden. Waardoor hij werd gepakt weet niemand. Of het bij een gewone controle was, ofwel verraad, of ten gevolge van illegaal werk, wat hij ook wel deed, we zullen het waarschijnlijk nooit weten.
Flink zijn
Ik weet alleen dat het afgeloopen is, dat ik ondanks alles verder zal moeten ter wille van de kinderen en ik hoop zoo dat jullie flink zullen zijn ter wille van mij. Joop was het ook indertijd na het bericht van Bernard[10] en nu moeten wij het.
Ik begrijp dat jullie het ellendig vinden om nu niet in A’dam te zijn maar in A’dam is het ook zo lollig niet. Wel heb je daar natuurlijk veel meer afleiding maar jullie moeten maar even nog wachten. Alles wat er voorloopig zakelijk te regelen was heb ik gedaan….. De meeste zakelijke gegevens zijn bij verschillende andere menschen bekend. Ik heb ze alleen nog niet omdat ze allen buiten de stad wonen Den Haag, Hengelo, Eindhoven. Dat alles heeft echter geen haast.
Wonen
Met een huis ben ik in gesprek. Ik heb uren en uren geloopen en in de rij gestaan. Het is hier n.l. overal nog een groote wanorde, geen tram, geen telefoons, enz. En ik woon om jullie enig idee te geven ± 1 ½ uur van de Amstelweensche weg en net zoiets van de Adm. De Ruyterweg, zoodat ik om b.v. bij het huisvestingsbureau op de Weteringsschans te komen op z’n minst 2 ½ uur moet sjouwen, heen en ook weer terug. Verrschillende bekenden van mij hebben nu hun best gedaan. En er wordt gewerkt om een benedenhuis te krijgen met flinke tuin in de Witte de Withstraat. Dat zou een buitenkansje zijn. Er zijn hier n.l. vele duizenden menschen die ook huizen zoeken, Joden en anderen, en je kunt aangewezen krijgen, als je dat tenminste na veel moeite lukt ergens b.v. 3 hoog achter. B en C hebben b.v. ergens in West op een 4e etage 2 kamers gehuurd. Maar ik wil een behoorlijke woning. Ik ben het buitenleven erg gewend geraakt (ik werkte zéér veel en met veel plezier in de moestuin 2 jr lang) en de kinderen zijn ook buiten gewend. Ik wil ze niet in een paar smerige stadskamertjes. W de W str. Is ook niet ideaal maar het gaat. Misschien lukt het. Afwachten maar weer.
Inkomen
Verder stonden er een paar mooie advertenties in de krant voor maatsch. Werkster. Ik heb gesolliciteerd. Wel heb ik copie polissen gevonden, maar ik weet niet of ze zullen gaan betalen. In ieder geval niet wanneer. Ik zal dat straks wel door Manu’s collega in Eindhoven laten behandelen. Ondertusschen is solliciteren ook een manier om een woning te krijgen. Het zijn n.l. overheidsbetrekkingen en dan schijnen zij te zorgen dat je ook een woning krijgt. Maar ik heb nog geen antwoord gehad, kan ook nog niet. Wat die NSB-huizen betreft, dat is ook niet zoo eenvoudig. Zoo gauw ik iets weet schrijf ik wel. Ikzelf ben ook zeer verlangend want als ik klaar ben met een woning wil ik trachten naar het zuiden te komen.
Meubels
Wat meubels betreft, die van ons zijn ook weg. Wel zijn ze nog gedeeltelijk uit het huis gekomen, maar later in beslag genomen. Kleinigheden zijn er nog wel. Ook van Frits stoeltje, kastje, 2 persoons divanbed met toebehoren (van juffr tW) keukengerei, linnengoed servies tafelkleed, klok, schemerlamp, vloerkleedjes en verder heb ik meubels aangevraagd. Verder krijg ik tafel + eenige stoelen van Eddie’s pleegouders. We redden ons wel wat dat betreft. Een heleboel menschen hebben nog minder.
Voeding, kleding, geld
De voedingstoestand hier is nu zeer behoorlijk, maar lang niet wat het buiten is. En van de winter was het hier korten tijd heel moeilijk. En dat terwijl wij hier dan toch altijd meer hadden dan in de stad (b.v. melk en een beetje eigen gemaakte boter. Men zegt ik zie er goed uit, maar ben nog steeds erg mager. De tijd na de bevrijding heeft er ook geen goed aan gedaan.
Ik heb het druk met van alles en nog wat. Ben nu bezig aan een mouwschort voor Joost. Toen hij bij zijn pleegouders kwam wist niemand z’n naam. En toen ernaar gevraagd werd heeft mevrouw gezegd: de eerste de beste naam die haar op dat moment zou invallen: Eddy en zo heet hij nu nog. Er ligt wol voor een broek en een truien ook nog voor een truitje voor Eefje, Moeder werk genoeg voor U. Het luie leventje is gauw uit hoor!
Dat geld van destijds is in orde . F 150.- heb ik nog hier. Y. bracht het naar Leeuwarden, maar omdat het toen net met Manu gebeurd was, moest de grootste voorzichtigheid worden in acht genomen… Niemand wist toen nog waar hij precies aan toe was. Oorspronkelijk had Manu het U zelf zullen brengen. Hij zou het contact van… hebben overgenomen, maar daarna stopte alles. Ook van Eefje had ik na Mei ’44 geen bericht meer.
“Meesten nog niet gezien / naar Polen dan weet U het wel“
Lieve Vader en Moeder, ik geloof dat ik nu wel zowat alles heb geschreven. Er zijn hier diverse menschen weer opgedoken maar ik heb de meeste nog niet gezien, ben dolgelukkig als ik eens een dag niet hoefde te loopen en rustig thuis kan blijven, b.v. vandaag heb ik bijna de heelen dag in de tuin gewied. FR sprak ik toevallig op straat. Ik was bij C. Van E en J had ik een brief. Tante R en oom L heeft Frits gesproken. Verder weet ik zo gauw niemand. Mijn schoonouders, Leo, Lien en kinderen zijn destijds naar Polen gegaan, dus dan weet U het wel verder.
Vader maak je finantieel geen zorgen. Dat komt ook wel terecht hoor. Voorlopig kan ik me in ieder geval redden – er was nog te goed van Manu’s salaris. Samen komen we er wel hoor! Nu ik hoop tot spoedig ziens. Houden jullie je taai.
Een zoen jullie Lies
Denk er om, De eerste week schrijf ik nu zeker niet meer. Zoolang er niets bijzonders is heb ik niets te schrijven. Vader ik heb wel aan je verjaardag gedacht maar er viel niet veel te feliciteren.

[1] Zoontje dat zich nog bij onderduikouders bevond
[2] Broer die oorlog overleefden in Frankrijk
[3] Onderduiknaam en adres in buitengebied van Amsterdam, nu Slotervaart/Osdorp
[4] Rode Kruis (zie afbeelding)
[5] Ondergedoken zoontje van zuster.
[6] Zusje van Joost
[7] Zuster van Lies
[8] Bergen-Belsen
[9] Nichtje van opa Hijmans, dochter van zuster van diens moeder
[10] Zwager, echtgenoot van Joop
